De schrijverij
De schrijverij begint min of meer toevallig, zeg maar in de keuken. Tijdens de afwas, waarbij mijn dochters van acht en
tien jaar helpen met afdrogen, moet ik altijd een verhaal vertellen. Dat doe ik improviserend. Je begint ergens, je
maakt een grap, je krijgt opmerkingen en zo ontstaat een verhaaltje van zeg tien minuten. Dat kan over van alles gaan.
Belevenissen van mijn dochters die in een ander kader geplaatst worden, eigen jeugdervaringen, spontane bedenksels.
Soms zit er een vervolgverhaaltje voor een paar dagen in.
Dan is er ineens een idee waar ik weken mee voort kan. Het wordt een lang verhaal.
Ik schrijf dat verhaal op en stuur het naar een uitgeverij. Dan komt van het een het ander.